Snapping hip syndroom

Bij een snapping hip syndroom beschrijven patiënten een verspringend gevoel rond de heup bij bewegen van het gewricht. Dit gaat soms gepaard met een duidelijk hoorbare klik en met een ongemakkelijk gevoel of zelfs pijn. Vaak vermindert de pijn met rust en het vermijden van de uitlokkende activiteit. Het probleem onstaat meestal bij sporters tussen 15 en 40 jaar door intensieve training waardoor de pezen rond de heup verdikken en overbelast worden. Er bestaan verschillende oorzaken en het is belangrijk de juiste oorsprong van het probleem te achterhalen om een adequate behandeling te kunnen voorstellen. Het klinisch vermoeden kan bevestigd worden met echografie en MRI scan.

  • Interne snapping hip: verspringende pijn in de lies die optreedt bij het plooien en strekken van de heup kan afkomstig zijn van een ontsteking van de slijmbeurs van de iliopsoasspier of van een ontsteking of tendinitis van de iliopsoasspier zelf. De symptomen kunnen soms maanden of jaren duren en sterk invaliderend zijn.
     
  • Interne snapping hip kan ook veroorzaakt worden door een probleem in het heupgewricht zelf: scheur van het labrum of het intern ligament van de heup, gewrichtsmuizen, verkalkingen of kraakbeenletsels.
     
  • Externe snapping hip: deze komt vaker voor en ontstaat als een verspringende pijn aan de buitenzijde van de heup als de iliotibiale band, de tensor fascia lata of de gluteus medius pees niet meer normaal over de grote trochanter van de heup glijden. Als een van deze structuren ontstoken raakt met verdikking van de pees, verandert deze normale glijdende beweging in een pijnlijk verspringend fenomeen. De onderliggende slijmbeurs is meestal ook ontstoken. Lengteverschil ter hoogte van de onderste ledematen kan overbelasting aan de buitenzijde van het langste been in de hand werken.

De behandeling bestaat in de eerste plaats uit rust, pijnmedicatie, ontstekingsremmers en stretching van de verdikte en aangetaste pezen en spieren gepaard met aangepaste krachttraining. Het is belangrijk dat de uitlokkende activiteiten voldoende lang onderbroken worden opdat de snapping hip zou kunnen genezen. Als er na zes tot acht weken behandeling geen duidelijke verbetering is opgetreden, worden meestal één tot maximaal drie infiltraties ter hoogte van de pijnlijke slijmbeurs voorgesteld met een corticosteroïd product. Het succes is variabel en kan een paar weken tot een paar maanden aanhouden met soms volledig verdwijnen van de symptomen. Het is zeer belangrijk dat de uitlokkende factoren vermeden worden en dat stretching van de aangetaste pezen toegepast wordt.

 

Bij het falen van een strikte conservatieve behandeling gedurende minstens zes tot twaalf maanden kan eventueel een operatie overwogen worden op voorwaarde dat er duidelijke aangetaste structuren gevonden worden op MRI scan. Chirurgische behandeling is zelden nodig tenzij bij intra-articulaire aandoeningen. Artroscopische behandeling is meestal mogelijk. De postoperatieve revalidatie met het volledig herwinnen van de kracht en functie van de heup kan negen tot twaalf maanden duren waarbij dezelfde principes van de conservatieve behandeling moeten gerespecteerd worden.